maandag 11 november 2013

Is poker ook in toernooivorm een casinospel?

Nadat lagere rechters herhaaldelijk hadden geoordeeld dat de heffing van kansspelbelasting op casinospelen, waaronder poker, in sommige gevallen in strijd was met artikel 56 van het VWEU, stelde de belastingdienst zich op het standpunt dat poker in toernooivorm, in tegenstelling tot de cash game variant, geen casinospel is. Het is natuurlijk een noodsprong van de belastingdienst om toch nog kansspelbelasting te kunnen heffen over pokerwinsten. Ik zal proberen de vraag te beantwoorden hoe kansrijk dit standpunt van de belastingdienst is. Het begrip casinospelen uit de Wet KSB wordt door de wetgever niet nader gedefinieerd. In de Memorie van Toelichting wordt hierover opgemerkt:
"De snelle opeenvolging van achtereenvolgende spelen, het heen en weer gaan van inzetten en uitkeringen tussen spelers en de bank en de meer actieve rol van de spelers bij het spel - onder meer tot uiting komend in de wijze waarop zij hun inzetten doen - illustreren namelijk dat een vergelijking met meer traditionele kansspelen, zoals loterijen, moeilijk te trekken is. Dit blijkt ook uit het spraakgebruik: spreekt men bij loterijen van trekkingen waarbij van te voren bepaalde prijzen te winnen zijn, bij casinospelen spreekt men van een avond roulette of van een speelperiode, gedurende welke per saldo winst of verlies wordt geleden."[1]
De geciteerde passage geeft wel enige steun voor het standpunt van de belastingdienst. Bij de cash game variant volgen inzetten en uitbetalingen elkaar inderdaad snel op, terwijl bij poker in toernooivorm er inschrijfgeld wordt betaald en pas aan het einde van het toernooi eventueel een uitbetaling volgt. De Rechtbank 's-Gravenhage heeft als enige rechtelijke instantie het standpunt van de belastingdienst gevolgd.[2] Aangezien het aparte discriminatoire heffingssysteem wel geldt voor casinospelen, maar niet voor kansspelen die geen casinospel zijn, zou volgens deze opvatting de bij poker in toernooivorm gewonnen prijs, zowel bij binnenlandse als bij buitenlandse pokertoernooien, belast zijn met 29% kansspelbelasting bij de winnaar, waardoor geen onderscheid wordt gemaakt en de heffing niet in strijd is met artikel 56 van het VWEU.
Het Holland Casino, dat ook pokertoernooien organiseert, past een dergelijke heffing over de prijs niet toe en beschouwt poker, ook in toernooivorm, wel als een casinospel. Titel IVb van de Wok, heet: Casinospelen. In artikel 27i, lid 1, van de Wok, wordt bepaald dat de Kansspelautoriteit voorschriften verbindt aan de vergunning tot het organiseren van speelcasino’s. Deze voorschriften hebben ingevolge artikel 27i, lid 2, sub b, van de Wok, mede betrekking op de soort van de te organiseren spelen. Ter uitvoering hiervan is de Beschikking casinospelen 1996 vastgesteld. In artikel 4, lid 1, sub j, van de Beschikking casinospelen 1996 wordt poker aangemerkt als casinospel. Ook het Spelreglement van het Holland Casino merkt poker aan als casinospel. Nergens wordt onderscheid gemaakt tussen de cash game variant en poker in toernooivorm.
De conclusie is dat de belastingdienst alleen staat in zijn standpunt. De Beschikking casinospelen 1996, de Kansspelautoriteit en het Spelreglement van het Holland Casino wijzen de andere kant op. Het is naar mijn mening onbegrijpelijk dat de Rechtbank 's-Gravenhage de belastingdienst gelijk heeft gegeven op dit punt. Ik verwacht dat deze uitspraak niet in stand zal blijven.



[1] Tweede Kamer, vergaderjaar 2005-2006, 30 583, nr. 3, p. 4.
[2] Rb 's-Gravenhage 13-07-2012, ECLI:NL:RBSGR:2012:BX7876, r.o. 17.